Solo Voci bestaat uit de volgende leden:


Jean Lambrechts
dirigent / componist
Jean studeerde aan de conservatoria van Brussel en Parijs waar André Jolivet zijn voornaamste leraar was. Verder nam hij met succes deel aan een aantal beroemde, internationale cursussen. Bij Hans Swarowsky studeerde hij orkestdirectie. Als uitvoerend kunstenaar treedt hij regelmatig en in wisselende functies op.

Jean Lambrechts behoort tot de vooraanstaande componisten van zijn generatie wiens composities in vele landen worden uitgevoerd. Daaronder vallen een aantal Oost-Europese landen en de Verenigde Staten. Sedert jaren woont en werkt Jean Lambrechts te Maastricht. Regelmatig verplaatst hij zijn werkterrein vanuit Maastricht naar zijn Franse woning in de Périgord.

De meeste werken werden in opdracht geschreven van o.a. het Ministerie van Cultuur (Nederland en België), radio- en tv-omroepen, festivals en concoursen. Verder componeerde hij een groot aantal werken voor theater en film in nationaal en internationaal verband.

Als componist trekt hij de lijn door van "la Jeune France", daarmee een synthese beogend van vernieuwing en traditie. Zijn stijl varieert, afhankelijk van het werk, van (neo) tonaal tot serieel zonder zich evenwel aan enige doctrine te onderwerpen. Er is duidelijk sprake van een Latijns karakter waarin het Franse element domineert. Dit karakter komt naar voren in zijn typische voorkeur voor kleurrijke, virtuoze instrumentatie en het gebruik van een uitgebreide, grote symfonieorkestbezetting. Met deze rijke expressiemiddelen bereikt hij imposante effecten en men kan er meer een streven naar het evocatieve dan naar het zuiver structurele in beluisteren.

Het oeuvre van deze componist is zeer uitgebreid en wat het genre betreft zeer gevarieerd. Hij componeerde diverse symfonische werken, waaronder zeven symfonieën; verschillende concerti: suites voor orkest; werken voor strijkorkest; oratoria; symfonische liederencycli; kamermuziek; muziek voor solo-instrumenten; liederen en talloze koorwerken.

In 2000 ging tijdens het millenniumjaar de zevende symfonie in première de "Apocalyps", met een grote bezetting van een symfonie- èn een harmonieorkest. Diverse werken werden ook in Tongeren ten gehore gebracht. In 1998 vond tijdens het "Basilica-festival" de première plaats van "Concerto symphonico" voor orgel en orkest (solist: Luc Ponnet), een werk geschreven in opdracht van het Festival. Reeds eerder weerklonken in dezelfde basiliek de grotere koorwerken, als: "Cantique des âmes simples à Notre Dame" en "Evocations au très haut", beide driedelige koorwerken door de componist bestempeld als "symphonies vocales". In de "Velinx" speelde het Nationaal Orkest van België zijn trompetconcert. Op 26 januari 2001 werd zijn reeds bestaande symphonische liederencyclus "Canciones del canto Jondo" (1976), een achtdelig werk op tekst van Federico Garcia Lorca, voor mezzo-sopraan, koor en groot symfonie-orkest uitgevoerd.

Jean Lambrechts doceerde aan het Koninklijk Vlaams Konservatorium te Antwerpen en aan de Rijkshogeschool Maastricht (tegenwoordig Hogeschool Zuyd). Jarenlang was hij actief als muziekrecensent en publicist. Voor zijn verdiensten ten aanzien van de Nederlandse muziek werd hij onlangs onderscheiden tot "Ridder in de Orde van Oranje Nassau".


Frans Daalman
bas
Frans genoot zijn zangopleiding bij de zangpedagogen Bart Kockelkoren en Annemie Vallino-Ravetta. Bij diverse koren verleende en verleent hij solistisch medewerking aan concerten van uiteenlopende aard zowel in Nederland als in België, Hongarije, Duitsland, Polen en Spanje. Als één van de hoogtepunten beschouwt Frans zijn optreden met het Limburgs Symfonie Orkest.

Solistisch is Frans o.a. te horen op concertregistraties van Solistenensemble Consorcio Manuel Garcia, en op cd’s van Mannenkoor RMK-1921, Zangensemble Slava en het Koninklijk Mannenkoor Pancratius.

Koch Record International bood het Ensemble Frans Daalman de gelegenheid om de cd "Frohe Weihnachten – Feliz Navidad" uit te brengen. Als gitarist is Frans ook aktief en o.a. te horen op een cd van de tenor Matthias Juchem. Aan de door L1 opgenomen en uitgezonden uitvoering van de wereldpremière van "De gouden appel" van Jean Lambrechts voor twee mannenkoren, harmonieorkest, declamator, sopraan, mezzosopraan en bas heeft Frans eveneens goede recensies en herinneringen overgehouden.


Léon Palmen
bas
Léon start zijn muzikale carrière als lid van Jongerenkoor Jokola van 1982 tot 1988, Langeberg/Brunssum. Verder heeft Léon gezongen bij Vocaal ensemble Musica Cantat o.l.v. Bart Kockelkoren, The Antony singers (Ton Kropivscek), Kerkkoor Sancta Familia in Brunssum; Léon zong hier alle bassolo's, Mannenkoor RMK-1921; Léon neemt hier alle bassolo's voor zijn rekening en Vocaal ensemble Michael Haydn.

Léon heeft tien jaar zangles gehad van zangpedagoge Annemie Vallino-Ravetta.


Boy Fox
bas
Boy Fox heeft van jongs af aan genoten van samen zingen. Het begon al met zijn moeder: zingen tijdens de afwas. Hij zingt nu al veertig jaar met plezier bij Mannenkoor RMK-1921. Bij Bart Kockelkoren heeft hij een zangopleiding genoten.

Onder leiding van Jean Lambrechts in het ensemble Slava concerteerde hij in binnen- en buitenland èn werkte mee aan de opnames van vier cd’s.

Ook zong hij mee in het achtergrondkoor op een cd van de tenor Mathias Juchem.

In het Ensemble Frans Daalman is hij nog steeds actief met zang en gitaar en verleende hij zijn medewerking bij de opname van de kerstcd "Frohe Weihnachten, Feliz Navidad".

Pieter van der Heiden
bariton
Wat mijn muzikale achtergrond betreft:

Mijn ouders kwamen in 1956 naar Limburg waar mijn vader in de mijn ging werken als ondergronds machinist. Ze hielden van klassieke muziek dat ook de hele dag op de radio of via de pick-up te horen was. Mijn vader vond dat ik muzikaal was en stuurde me naar de muziekschool in Hoensbroek voor solfège les en blokfluit. Later kreeg ik ook nog een korte tijd orgel les en moest thuis op het trapharmonium oefenen. Ook waren mijn ouders lid van het Apostolisch genootschap en gingen in Treebeek naar de "dienst". Ik werd hier al vroeg betrokken bij de muzikale activiteiten. Eerst "moest" ik naar het kinderkoor en daarna, toen ik 16 werd, ging ik bij het mannenkoor en later bij het gemengd koor. Van het mannenkoor ben ik vele jaren dirigent geweest van midden 70er jaren tot 2015. Ook bij het gemengd koor heb ik bijna 6 jaar voor het koor gestaan maar vanwege mijn wisseldiensten op mijn werk heb ik dat moeten opgeven. Wel ben ik als hulp-dirigent en repetitor blijven functioneren. Door mijn betrokkenheid bij deze koren heb ik ook aan talrijke instructiedagen en workshops deelgenomen waardoor ik muzikaal kon doorontwikkelen. Als hobby heb ik ook in de jaren ’80 nog een jaar of 6 klarinet les gehad op de muziekschool van Brunssum. Van André Seerden heb ik toen veel geleerd over performance en interpretatie van muziek.

17 jaar geleden ben ik bij het RMK1921 gaan zingen als bariton. Momenteel zing ik 2e tenor. Ik heb bij deze club dertien jaar in de muziekcommissie gezeten en ook een jaar of vijf in het bestuur. Nu doe ik alleen nog het archief en de studiepartituren bewerken/aanpassen op de PC.

Sinds 2015 is mij gevraagd om bij de Bronsheimers te komen helpen en dat is er op uitgedraaid dat ik hier nu sinds december 2016 dirigent van ben.

Ik weet niet waar ik het muzikale virus heb opgelopen, maar ik heb het nog steeds en ben er nog volop elke dag mee bezig.


Kees Nijboer
bariton
"Muziek is mijn leven en passie", aldus Kees. Toen hij zes jaar was, zong hij al in een kinderkoor, daarna in een jeugdkoor dat overging in een gemengd koor in de kerk. Vanaf zijn 16e zingt hij in een mannenkoor van de kerk. De laatste 15 jaar is hij dirigent van dit mannenkoor geweest. Sinds een zestal jaren zingt hij ook in "Voyage" uit Landgraaf en het Rumpens Mannenkoor 1921 uit Brunssum.

Zijn mooiste muzikale herinnering heeft hij aan een uitvoering van De Zeven Kruiswoorden van Haydn voor 2000 toehoorders in de Doelen te Rotterdam.


Ger Emmerink
2e tenor
Ger zong van zijn 10e t/m 15e levensjaar als jongenssopraan/solist in het jeugdkoor van de St. Jozefparochie te Brunssum.

Bij zangpedagoog Bart Kockelkoren heeft hij een groot aantal jaren zangles genoten.

Vanaf zijn 17e is hij als 1e tenor lid van Mannenkoor RMK 1921. Hier neemt hij de tenorsolo´s voor zijn rekening.

 


Jos Knubben
2e tenor
Jos Knubben en zijn muzikale loopbaan tot nu:

Al op jonge leeftijd (8 jaar) begon ik mijn muzikale levensweg met de koorklas "SCHOLA CANTORUM" op de St. Vincentiusschool in Rumpen bij "meester Janssen". Toen ik 10 jaar werd, kreeg ik mijn eerste pianolessen van May Geelen, die mij leerde gevoel te leggen in muziek. Vervolgens ging ik bij de "harmonie" en leerde klarinet spelen van mijnheer Reulen. Hierna wilde ik ook alt-saxofoon leren spelen en dit werd passie. Naast de harmonie formeerden we een klein orkestje en verzorgden we muziekavonden in bv. verzorgingstehuizen en speelde ik in de in die tijd zo bekende boerenblaaskapellen. Ook werd ik wel eens gevraagd uit te helpen en zo kwam ik bij de Philharmonie van Bocholtz terecht, die op dat moment onder leiding stond van Pierre Kuipers. Deze man heeft mij nog meer laten beleven, wat muziek maken kan betekenen. Trouwen brengt verandering en ik keer terug naar de koorzang. Bij het Rumpens Mannenkoor, later RMK 1921, beleef ik onder leiding van Bart Kockelkoren een prachtige tijd en zo komt er ook Musica Cantat onder zijn leiding tot stand, waarmee schitterende concerten worden gegeven. Na mijn 40ste kom ik in contact met Vocal Ensemble Slava. Tijdens deze jaren worden muzikale hoogtepunten bereikt met een innemende en mij inspirerende Jean Lambrechts.
Momenteel als lid van Solo Voci en nog steeds met Jean Lambrechts beleef ik veel plezier en geeft het mij enorme voldoening als toehoorders na afloop van onze concerten met een fijn gevoel naar huis gaan.


Marcel-Lucien Arpots
1e tenor / sopranist
Marcel is woonachtig in Maastricht alwaar hij zijn zangstudie volgde aan het conservatorium bij de docenten Hans Gunter Grimm en Lode Devos. Na zijn studie is hij zich gaan perfectioneren bij Mya Besselink, waar hij nu nog steeds voor raad en daad terecht kan.

Sinds 1985 is hij vast verbonden aan de Opéra Royal de Wallonie te Luik. Hier zingt hij als eerste tenor in het koor en speelde talloze kleine rollen zoals El remendado Carmen, Spoletta in Tosca, Giuseppe in La traviata, Le messager in Aida, Le pape des fous en de nonctambule in Louise, Schmitt in Werther, Le Capitaine in Les dialogues des carmelites, L’abbate in Andrea Chénier, Le capitaine in Simon boccanègra, L’aurore in La prima donna, Le psy in Orphée abymee, Furet in L’hygiène des l’assassin, Wenzel in Die verkaufte Braut, Majordome in Der Rosenkavalier, Ajax in La Belle Hélène, etc.

Een CD met liederen van Ludwig Spohr nam hij op samen met de sopraan Dianne Van den Eynden. Verder nam hij solistisch deel aan het Requiem van Mozart, het Requiem van Donizetti, die Hohe Messe van Bach, het Weinachts oratorium van Bach, het Requiem van Fauré, de Mis in D van Schubert, die Kronungsmesse Mozart, The Crucifiction van Stainer en nog talloze concerten in binnen- en buitenland. Een verdere specialiteit van Marcel Arpots is het zingen van het castraatrepertoire waarvoor hij steeds meer gevraagd wordt. Marcel treedt als sopranist geregeld tijdens operacruises op die vele beroemde theaters over de gehele wereld aandoen. Er worden dan concerten gegeven op de prachtigste locaties o.a. in Frankrijk, Monte Carlo, Italië, Griekenland, Turkije, Egypte, Jordanië, Libië, Israel, Rusland, Noorwegen, Zweden, Finland, Denemarken, Polen, Estland. Ook nam hij deel aan tournees in de USA en Canada. Hij is hier een graag geziene gast.

Zijn stem heeft de volledige omvang van een sopraan en dat stelt hem in staat om moeiteloos het zeer uitgebreide barokrepertoire te zingen. In vroegere tijden werden talloze sopraanrollen door castraten vertolkt, daar het voor dames verboden was in kerken te zingen. Regelmatig zingt hij samen met countertenoren die de omvang van een alt hebben waardoor de warme klanken van twee mannenstemmen de concerten een speciale dimensie geven. Onlangs gaf hij met veel succes 2 soloconcerten in theater Trianon in Luik. Er is een cd-opname van Die Markus passion van Telemann.

Verder geeft hij veel concerten uit het repertoire van de vermaarde castraat Farinelli. In La prima donna zong hij de titelrol als sopraan met veel succes in Luik en Brussel. In L’Hygiène de L’assassin zong hij Furet, ook een sopraanrol. Een onlangs gehouden ’Valentijnsconcert’ in de Maastrichtse "Bonbonnière" werd een groot succes.

In mei volgt er een concert in de Luikse Opera in technovorm om ook de jeugd kennis te laten maken met de klassieke muziek. Vanaf augustus 2009 maakt hij samen met Rob Meijers (Countertenor) en Sielke Smeets (piano) deel uit van "Castradivi". Dit ensemble brengt duetten en aria’s die oorspronkelijk geschreven zijn voor castraten. Castradiva heeft in 2011 een cd uitgebracht met de titel "Angiol de pace".

Voorts staat Marcel regelmatig in binnen- en buitenland op het podium met André Rieu.


Xavier Petithan
1e tenor
Sa formation artistique commence à 8 ans : solfège, piano, diction, déclamation, art dramatique, chant et art lyrique. Il obtient des Conservatoires de Liège et de Bruxelles un Premier Prix en: méthodologie du solfège, Chant et Art Lyrique.

Professeur intérimaire de solfège, il est aussi choriste au Chœur de Chambre de Namur et sur les planches des théâtres depuis 1990 (opérettes, théâtre wallon), puis à l’Opéra Studio de La Monnaie: A Midsummer Night’s Dream (Britten, 2001), Le Nozze di Figaro (Mozart, 2002).

Il est membre des chœurs de l’Opéra Royal de Wallonie depuis juin 2004. Il s’est également produit sur au sein de l’ORW dans Salomé (deuxième juif) en juin 2011, Il Trovatore (Ruiz) en septembre 2011, L’Officier de fortune (Edouard) de A.-M. Grétry en octobre 2012, et La Fanciulla del West (Harry) de Giaccomo Puccini en février 2013.